
Ontslagen worden of ontslag nemen: een ingrijpende gebeurtenis. Het is belangrijk dat alles verloopt volgens de regels. We zetten ze hier even voor jou op een rijtje. Bij een arbeidsovereenkomst voor bepaalde duur of voor een bepaald werk, verloopt het einde van de overeenkomst zoals voorzien in de geschreven overeenkomst. Werk je met een contract voor onbepaalde duur, dan is er een regeling voor de opzeg, als het contract door één van beide partijen wordt beëindigd.
Let op!
Er zijn wijzigingen in het arbeiders- en bediendestatuut vanaf 01/01/2012. Als de uitvoering van je nieuwe arbeidsovereenkomst ingaat op in januari 2012 of later, neem dan contact op met het ACV-dienstencentrum bij jou in de buurthttp://adressen.acv-online.be/ . Voor meer info, raadpleeghttp://www.acv-online.be .
Wordt de opzegging door de werkgever gegeven, dan moet de opzeg gebeuren per aangetekende brief of per deurwaardersexploot.
De werknemer kan opzeggen met een aangetekend schrijven; een deurwaardersexploot of afgifte van de opzegbrief aan de werkgever die tekent voor ontvangst. Zorg dat op de opzegbrief de datum van ontvangst vermeld staat.
De opzegging is enkel geldig als zij schriftelijk gebeurt, met vermelding van begindatum van de opzegtermijn.
Je opzegtermijn gaat in op de eerste maandag die volgt op de week waarin het ontslag gegeven werd, ook als die maandag een feestdag is. Als je opzegging gebeurt met een aangetekend schrijven, dan moet je opzeg ten laatste gebeuren op woensdag, om de opzegtermijn op de eerstvolgende maandag te laten beginnen (ten laatste op dinsdag, indien donderdag, vrijdag of zaterdag een feestdag is).
De wettelijke opzegtermijn is 28 dagen (4 weken) indien je je ontslagt krijgt van je werkgever en 14 dagen ( 2 weken) in geval je zelf ontslag neemt.
Voor arbeiders die minstens 20 jaar anciënniteit hebben, worden deze termijnen verdubbeld.
Heb je minder dan 6 maanden anciënniteit, dan kan de overeenkomst een andere opzegtermijn bepalen, evenals voor de arbeiders die onder een ander sectoraal stelsel vallen. De opzegtermijn mag echter nooit korter zijn dan 7 dagen. Als je zelf ontslag neemt mag de opzegtermijn niet langer zijn dan de helft van de overeengekomen opzegtermijn.
Voor sommige sectoren gelden langere of kortere opzegtermijnen. In sommige cao’s worden langere opzegtermijnen dan de wettelijke termijnen gegarandeerd.
CAO nummer 75 verlengt de opzegtermijn voor afgedankte arbeiders, wanneer geen andere opzegtermijnen (korter of langer) door een paritair comité werden bepaald.
| Dienstjaren bij je werkgever | Opzeg door de werkgever | Opzeg door de werknemer |
| -6 maanden | 28 dagen (4 weken) | 14 dagen (2 weken) |
| 6 maanden tot 5 jaar | 35 dagen (5 weken) | 14 dagen (2 weken) |
| 5 jaar tot 10 jaar | 42 dagen (6 weken) | 14 dagen (2 weken) |
| 10 tot 15 jaar | 56 dagen (8 weken) | 14 dagen (2 weken) |
| 15 tot 20 jaar | 84 dagen (12 weken) | 14 dagen (2 weken) |
| meer dan 20 jaar | 112 dagen (16 weken) | 28 dagen (4 weken) |
Afwijkingen inzake duur en ingangsdatum van de opzeggingstermijn zijn mogelijk naargelang de sector. Raadpleeg hiervoor de vrijgestelde van je beroepscentrale of je vakbondsafgevaardigde.
Als bediende begint je opzegtermijn op de 1ste van de maand volgend op de opzegging. Indien het contract met een aangetekende brief wordt opgezegd, heeft deze brief slechts uitwerking de 3de werkdag na verzending (werkdag is elke dag behalve zon en feestdagen).
De opzegtermijn van een bediende bedraagt:
| Dienstjaren | Jaarloon van max. 30.535 euro | Jaarloon tussen 30.535 euro en 61.071 euro | Jaarloon meer dan 61.071 euro | |||
| Opzeg door werkgever | Opzeg door bediende | Opzeg door werkgever | Opzeg door bediende | Opzeg door werkgever | Opzeg door bediende | |
| Opzegtermijn vastgelegd in onderling akkoord of door rechter | Opzegtermijn vastgelegd in onderling akkoord of door rechter | |||||
| Tenminste | Maximum | Akkoord kan gesloten worden bij indiensttreding | ||||
| - 5 jaar | 3 maanden | 1,5 maanden | 3maanden | 4,5 maanden | 3 maanden | 6 maanden |
| 5 - 10 jaar | 6 maanden | 3 maanden | 6 maanden | 4,5 maanden | 6 maanden | 6 maanden |
| 10 - 15 jaar | 9 maanden | 3 maanden | 9 maanden | 4,5 maanden | 9 maanden | 6 maanden |
| 15- 20 jaar | 12 maanden | 3 maanden | 12 maanden | 4,5 maanden | 12 maanden | 6 maanden |
| enz. | 15 maanden | 3 maanden | 15 maanden | 4,5 maanden | 15 maanden | 6 maanden |
Wanneer je als werknemer uit dienst treedt, hetzij vrijwillig hetzij bij ontslag, moet je van je werkgever een aantal documenten ontvangen:
een bewijs van werkloosheid voor de RVA (C 4);
op verzoek van de werknemer een getuigschrift dat je periode van tewerkstelling vermeldt, evenals de functie die je uitoefende (voor het onderwijs een dienstattest);
eventueel een vakantieattest voor de bedienden (dit moet je aan je volgende werkgever geven bij indiensttreding);
een afschrift van de individuele rekening (binnen een bepaalde termijn);
een fiche voor de belastingen – document 281.10 (niet onmiddellijk, maar op het tijdstip dat ze normaal wordt afgeleverd).
* zijn verplichte velden