
Om thuis fiscaal ten laste te kunnen zijn, geldt voor het kind een maximumbedrag aan eigen inkomsten (netto belastbaar inkomen of nettobestaansmiddelen, zie verder).
Voor het inkomstenjaar 2011 - aanslagjaar 2012 zijn deze bedragen de volgende:
voor een kind van een gehuwd koppel 2.890 euro;
voor een kind van een alleenstaande is 4.170 euro;
voor een kind van een alleenstaande, dat bovendien gehandicapt 5.290 euro.
Wanneer deze maxima worden overschreden is de jongere niet langer fiscaal ten laste en betalen zijn ouders hierdoor meer belastingen.
Je netto belastbaar inkomen of nettobestaansmiddelen bereken je als volgt:
Brutoloon
- RSZ (socialezekerheidsbijdrage, 2,5% of 4,5% of 13,07% van je brutoloon)
= Bruto bestaansmiddelen
- 2.410 euro (forfaitaire vrijgestelde eerste schijf van je inkomsten als
student werkend met een studentenovereenkomst)
- 20% van je brutobestaansmiddelen (dit is aftrek voor kosten, met een minimum van 400 euro)
= Nettobestaansmiddelen
+ eventueel 80% van het bedrag aan alimentatiegeld boven de 2.890 euro
= Maximumbedrag aan eigen inkomsten dat bepaalt of je al dan niet fiscaal ten
laste van je ouders blijft
Zelf moet een jobstudent pas belastingen betalen wanneer zijn netto bestaansmiddelen op jaarbasis hoger zijn dan 6.830 euro.
Als je je nettobestaansmiddelen op jaarbasis berekent, om te weten of je wel of niet zelf belastingen moet betalen, mag je rekening houden met een forfaitaire onkostenvergoeding van 28.7%. Ook hier moet je je nettobestaansmiddelenop jaarbasis verhogen met 80% van je alimentatie. Als je dan aan een bedrag hoger dan 6.830 euro netto (8.612,5 euro bruto) komt, betaal je zelf belastingen.
* zijn verplichte velden