Werkzoekend na een baan

Om als werkzoekende recht te hebben op een uitkering, moet je aan een aantal voorwaarden voldoen.

  • Je moet bij de VDAB ingeschreven zijn als werkzoekende.

    Gewerkt en ontslagen? Dan moet je je, zo snel als mogelijk, opnieuw inschrijven bij de VDAB als werkzoekende. Je zal dan een inschrijvingsstempel ontvangen op je controlekaart. De VDAB kan je nadien uitnodigen voor een gesprek, een job of een opleiding. Als werkzoekende mag je dit niet weigeren.

    Bij je ontslag moet je van je werkgever eveneens een formulier (C4-werkloosheidsbewijs) ontvangen (C4 onderwijs voor het onderwijs). Hiermee ga je naar het ACV-dienstencentrum waar je werkloosheidsdossier wordt opgemaakt om je recht op wacht- of werkloosheidsuitkeringen te openen.

  • Je moet een bepaalde tijd gewerkt hebben.

    Wie wil recht hebben op een werkloosheidsuitkering moet een minimum aantal arbeidsdagen gepresteerd hebben. Het aantal arbeidsdagen dat je moet gepresteerd hebben is afhankelijk van je leeftijd. De gepresteerde arbeidsdagen moeten liggen in een bepaalde periode die de werkloosheid voorafgaat (= referteperiode). In sommige gevallen kan deze referteperiode verlengd worden.

    LeeftijdTe bewijzen gewerkte dagen (6-dagenweek)Referteperiode
    -36 jaar31218 maanden
    36 tot 49 jaar46827 maanden
    50 en ouder62436 maanden


    Heb je nog geen voldoende aantal arbeidsdagen? Dan kan je steeds een aanvraag doen als schoolverlater. Je moet dan wel een wachtperiode doorlopen.
  • Je moet arbeidsgeschikt zijn. Met andere woorden: je mag geen vergoedingen voor ziekte of arbeidsongeschiktheid van het ziekenfonds ontvangen.

  • Je moet beschikbaar zijn voor de arbeidsmarkt.

  • Je moet onvrijwillig werkloos zijn. Het mag, met andere woorden, niet jouw schuld zijn dat je werd ontslagen.

    Je kan bijvoorbeeld schuldig zijn aan je ontslag als je zonder enige wettige reden je werk hebt verlaten of
    je een aangeboden en passende job hebt geweigerd.

    Wanneer je schuld hebt aan je werkloosheid, kan je het recht op werkloosheidsuitkeringen ontnomen worden (volledig of tijdelijk).

  • Je mag geen inkomen hebben.

    Je mag geen werk verrichten dat je enig materieel of financieel voordeel oplevert.

  • Je moet actief naar werk zoeken.

  • Je moet je blauwe controlekaart (C3A) correct invullen en ondertekend op het einde van
    de maand bezorgen aan het ACV.

    Voor de dagen dat je werkloos bent en recht hebt op een werkloosheidsuitkering, vul je niets in, in de dagvakjes van het maandrooster.

    Was je één of meerdere dagen van de maand niet werkloos, dan heb je vooraf je juiste situatie tijdens die dag(en) aangeduid.

    Maak het roostervakje zwart op die dag(en) van de maand dat je arbeid verricht.

    Gaf je bij aanvang van je werkloosheid aan dat je een bijberoep uitoefent en kreeg je van
    RVA een akkoord om dit verder te doen tijdens je werkloosheid? Kleur dan de vakjes op
    de dagen dat je dit uitoefent zeker juist in:
    - Bijberoep op een zaterdag of zondag? Gehele vakje zwart maken
    - Bijberoep op weekdagen tussen 7u en 18 u? Gehele vakje zwart maken.
    - Bijberoep op weekdagen voor of na die uren? Vakje niet zwart maken.

    Z zet je op die dag dat je uitkeringen wegens ziekte of ongeval genoot (ook op zaterdag,
    zondag of feestdag).

    V gebruik je als je vakantie neemt (max. 24 dagen – ook op zaterdag).

    A gebruik je als je in een andere situatie bent die maakt dat je geen recht hebt op
    uitkeringen.(bv. je ontving nog loon voor een feestdag, je verbleef in het
    buitenland,…).

Hoeveel bedraagt een werkloosheidsuitkering?

Ben je werkzoekend en heb je voldoende dagen gewerkt? Dan kan je werkloosheidsuitkeringen krijgen.

Het bedrag van je werkloosheidsuitkering wordt berekend op het brutoloon dat je in de laatste 6 maanden gedurende ten minste 4 weken hebt ontvangen (geplafonneerd tot 2.250,63 euro /maand - bedrag op 01/09/2010.

Je uitkering wordt ook bepaald door je gezinstoestand en je werkloosheidsperiode.

1e periode2e periode 3e periode (1)
Gezinstoestandmaand 1 tem 6maand 7 tem 123 maanden
Verlenging 2e periode
met 3 maanden per
gewerkt jaar
Samenwonend60%
max. 1.350,44 euro
min. 647,14 euro
60%
max. 1.258,66 euro
min. 647,14 euro
40%
max. 784,16 euro
min. 647,14 euro
Forfait
456,04 euro
598,52 euro
Alleenstaande60%
max. 1.350,44 euro
min. 863,46 euro
60%
max. 1.258,66 euro
min. 863,46 euro
53,8%
max. 1054,56 euro
min. 863,46 euro
53,8%
Gezinshoofd60%
max. 1.350,44 euro
min. 1.027,78 euro
60%
max. 1.258,66 euro
min. 1.027,78 euro
60%
max. 1.175,98 euro
min. 1.027,78 euro
60%

(1) 3e periode alleen van toepassing voor samenwonende en alleenstaande
(2) verhoogde forfait indien de uitkering van de partner max. 768,56 euro per maand bedraagt.
De bedragen worden geïndexeerd en dateren van 01/01/2010.

Ga je trouwen? Verhuis je? Wijzigingen in je gezinssituatie en adreswijzigingen moet je steeds onmiddellijk melden bij het ACV. In geval van adreswijziging moet je ook onmiddellijk de VDAB verwittigen. Vergeet je dit? Dan loop je de kans een gedeelte van je uitkeringen te moeten terugbetalen en dreig je bovendien een sanctie te krijgen.

Mag je werken als werkloze?

Je mag als werkloze geen activiteiten uitoefenen.

Alleen het beheer van je eigen bezit (bv. onderhoud van de woning) is toegestaan. Je bezit aanzienlijk in waarde doen stijgen (bv. bijbouwen) is niet toegelaten. Bovendien mogen de activiteiten voor jezelf niet worden verricht om winst te maken en mag dit het zoeken naar een baan niet in het gedrang brengen.

Slechts onder strikte voorwaarden kan je als werkloze een bijkomend beroep uitoefenen als zelfstandige of loontrekkende of hulp blijven verlenen aan een zelfstandige met wie je samenwoont.


Vrijwilligerswerk is toegelaten, maar strikt gereglementeerd. Je moet als werkloze kunnen bewijzen dat het gaat om vrijetijdsbesteding en dat de activiteit niet kan worden ingeschakeld in het economisch ruilverkeer. De activiteit die je uitoefent mag je tevens geen materieel voordeel opleveren.

De straffen voor “zwart werk” zijn zeer zwaar. Je hebt er als werkloze alle belang bij vooraleer je met een of andere activiteit begint, bij het ACV ruim vooraf informatie te vragen over je rechten en plichten.

Deeltijds werken en recht op uitkeringen?

Ben je werkzoekend en wil je deeltijds aan de slag gaan? Dan kan je als werkloze, mits een aantal voorwaarden, het statuut “deeltijdse werknemer met behoud van rechten” bekomen.

Je recht op uitkeringen kan dus niet geschorst worden tijdens de duur van de deeltijdse arbeidsovereenkomst.

Je dient binnen een termijn van 2 maanden na de tewerkstelling in je deeltijdse job een aanvraag in bij de het ACV en je laat je inschrijven bij de VDAB.

Je kan ook uitdrukkelijk kiezen voor ofwel een systeem van inkomensgarantie-uitkering, ofwel een systeem zonder uitkering maar met behoud van rechten.

Als je deeltijds begint te werken, raden we je aan om contact op te nemen met het ACV-dienstencentrum in je buurt.

Nieuwe reactie toevoegen

* zijn verplichte velden